Over peteroosterum

Natural health practicioner Science Fiction writer

Kerstmis 2022

Wat wij vieren als kerstmis, voor de kerkelijke mensen, de Christelijke mensen kan ik ook zeggen, is het de geboorte van Christus. Maar eigenlijk was de oorspronkelijke vermoedelijke geboorte van die mogelijk historische figuur ergens in de zomer. De altijd weer slimme geloofsverbreiders hebben daaraan een begrijpelijke maar onware mouw gepast. Wat ze gedaan hebben is het oorspronkelijk heidense midwinterfeest gepikt om daar het geboortefeest van hun Messias van te maken. Niet helemaal eerlijk dus. Het midwinterfeest is namelijk het feest waarbij de oorspronkelijke heidense (meer goden) volkeren vierden dat in ons deel van de wereld de dagen niet korter werden, maar dat de zon elke dag een beetje langer te zien was. Kortom, terugkeer uit de toenemende duisternis. Dat was voor deze heidense volkeren een reden om feest te vieren, elk jaar weer. Het werd in de natuur niet elke dag langer en eerder donkerder en donkerder, maar dat proces keerde zich godenzijdank om. Noem dat maar eens geen reden om feest te vieren.

Deze mensen leefden in en met de natuur en het terugkerende licht was dus een echte reden om feest te vieren. Het zou weer voorjaar worden de kou en de winter zouden voorbij gaan. Het was een feest dat hoop gaf op nieuw ontluikend leven.

Handig hebben de in opkomst zijnde Christelijke geloofsgemeenschappen gebruik gemaakt van dit fenomeen om de gekerstende volkeren te doordringen van de overigens onzinnige gedachte dat de midwinterse en daarmee vals gedateerde geboorte van Jezus een reden zou zijn om alvast te beginnen met het feest van de verlossing van de zonden dat elk jaar al even bedrieglijk met Pasen wordt gevierd, alsof je niet zelf verantwoordelijk zou zijn voor de stommiteiten en de rotstreken die je uithaalt, terwijl je er in onze samenleving, Christelijk of niet, gewoon voor moet boeten.

Ik ben er absoluut geen voorstander van om gelovige mensen op de ziel te trappen. Eerlijk gezegd vind ik dat er in onze wereld al meer dan genoeg aanwijsbaar bedrog met als oogmerk financiële winst wordt gepleegd. Als je gelooft in een verlosser van jouw zonden, heb ik maar één advies: wees zo braaf mogelijk, dan kan die verlosser misschien af en toe ook eens een dagje vrij nemen.

Waar ik echter wel op wil wijzen is dat het midwinterfeest, dat echt ergens over ging, gepikt is door de Christelijke kerkvaders om er hun feestje van te maken.

Ik vind het feit dat elk jaar midwinter het moment is waarop het licht terugkeert, de intensiteit van de zon sterker merkbaar wordt, de bron van alle leven op Aarde weer sterker wordt, meer dan genoeg reden is om feest te vieren.

Ik wens jullie allemaal een mooi en diep gevoeld midwinterfeest en straks een stralend voorjaar.

Het gewicht van de ziel, een wonderlijke theorie

Lang geleden, toen de wereld ogenschijnlijk nog tamelijk onschuldig was, woonde ik met mijn eerste echtgenote in een flat in Den Helder. Na eerst een jaar bij haar ouders met een opklapbed en een tafel met vier stoelen op haar kamer te hebben gewoond  hadden we die flat gekregen. Huisvesting was toen net zo’n groot probleem als tegenwoordig. De acht flatgebouwen waar wij ons flatje hadden zijn trouwens alweer tegen de grond gegaan.

Ik was onderwijzer op een Helderse school waar ik elke dag op de brommer heen ging. Erg veel luxe hadden we niet, maar dat was ook niet nodig, want we waren gelukkig. We hadden een zwart-wit tv, keken naar Paytonplace , lazen de Helderse Courant en de Panorama, wat toen nog een keurig kuis familieblad was zonder blote meiden. En daar in dat blad las ik een artikel getiteld:

 DE ZIEL WEEGT 26 GRAM

Een buitengewoon intrigerende titel vond ik dus met rode oren las ik het, want in spirituele zaken die verbinding met de werkelijkheid lijken te hebben ben ik als typische bèta altijd geïnteresseerd geweest. Wat bleek. Het artikel betrof een interview met een arts die een groot aantal mensen die bezig waren te sterven met bed en al op een grote, maar zeer nauwkeurige weegschaal had gereden. Hij had iets zeer wonderlijks vastgesteld: op het moment van overlijden werden alle mensen op die weegschaal plotseling 26 gram lichter. De brave arts, die misschien wel heel gelovig was had waarschijnlijk al zijn leven lang met grote vragen rond gelopen. Waarschijnlijk had hij zich afgevraagd wat de ziel van een mens nou wel zou kunnen zijn. Tja, dat zijn levensvragen. Weinig mensen twijfelen eraan dat we meer zijn dat een lichaam hoewel… In elk geval had hij bedacht dat als de ziel al zou bestaan dat die er dan vandoor zou gaan als we sterven en tot zijn verrassing kwam hij er via het bovengenoemde experiment achter dat er bij het sterven een kleine, maar tamelijk nauwkeurig te bepalen hoeveelheid massa verdween. Dus concludeerde hij: de ziel bestaat en weegt 26 gram.

Dit verhaal bleef jaar in jaar uit maar terug komen in mijn gedachten, want wat weegt er nu 26 gram. De laatste adem kan het niet geweest zijn want 26 gram lucht past bij lange na niet in ons lichaam. Ik moest bedenken wat het kon zijn, want ik heb de onbedwingbare neiging om altijd alles te willen snappen.

Hoe dan ook, ik kwam op een bruikbaar idee toen ik boeken over Oosterse filosofie begon te lezen. Daar wordt namelijk gesproken over chakra’s. Dat zijn heel subtiele draaiende energievelden die met ons lichaam verbonden zijn. Zo subtiel dat wij, zogenaamd nuchtere westerse mensen ze niet waar kunnen nemen en dus als geitenwollen sokken onzin beschouwen. Maar het bleef me toch intrigeren. Maar toen kwamen mijn medische belangstelling en de fysica mij te hulp. In ons lijf gebeurt namelijk bijna alles door elektrische krachten. Onze celletjes hebben een gemiddelde oppervlaktespanning van 25 millivolt. En dat is maar goed ook, want daardoor kan voedsel met een tegengestelde lading worden aangetrokken en afval met de gelijke spanning worden afgestoten. Kortom, het leven is dus eigenlijk behoorlijk elektrisch, zal ik maar zeggen. Eigenlijk vond ik het toen helemaal niet meer zo vreemd dat er werd gesproken over draaiende energievelden, de chakra’s. Maar ja, die 26 gram bleef nog steeds een raadsel. Totdat ik bedacht – ik had op school natuurlijk fysicalessen gehad – dat onze subatomaire deeltjes, de elektronen en protonen en wat heb je allemaal nog meer ook worden beschouwd als superkleine draaivelden en dat die deeltjes juist massa en dus gewicht hebben door het feit dat ze draaien. Ja, toen ik dat besefte was ik er voor mijzelf wel uit. Die chakra’s, waarvan beweerd wordt dat er wel twaalf zijn veroorzaken dus al draaiende een gewicht oftewel massa van 26 gram. En als je overlijdt dan houden die chakra’s natuurlijk op met draaien, want die horen bij levende mensen. Ik moet zeggen dat ik heel tevreden over mezelf was toen ik dat allemaal had verzonnen.

Het verhaal bleef me echter bezig houden, want in diezelfde fysicalessen had ik geleerd dat massa equivalent (gelijkwaardig) is aan energie. Albert Einstein heeft daar een formule voor bedacht waarmee je kunt uitrekenen met hoeveel energie een bepaalde hoeveelheid massa gelijk staat eigenlijk wel is. Uit de leer van de kernenergie weten we namelijk dat een betrekkelijk kleine hoeveelheid massa een gigantische hoeveelheid energie kan betekenen.

De formule van Einstein luidt E=MC2. In woorden gezegd is dat het volgende: De hoeveelheid energie is gelijk aan de massa maal het kwadraat van de lichtsnelheid. Sjonge dacht ik, dat is nog al wat en ik schreef het hele rekensommetje uit: De vrijkomende energie = 26 x 300.000 x 300.00 (de lichtsnelheid C is 300.000 kilometer per seconde) Is dus 26 x 90.000.000.000 gram = 26 x 9.000.000 kilogram = 26 x 9000 ton =234.000 ton. 234 kiloton dus. De atoombom Little Boy die op Hiroshima viel was 15 kiloton (gelijkwaardig aan de explosieve kracht van 15000 ton TNT).

Het is, dacht ik toen ik dat allemaal had uitgerekend maar goed dat die energie die vrij komt als wij sterven van een heel subtiele soort is, want het is ruim 15 keer zoveel als die eerste atoombom. Zoveel energie houdt ons dus bij elkaar en in leven. Wij moeten dus wel uit een heel machtige bron voortkomen.

Raadselachtig lijkt het toch, dat zoveel energie in het korte moment van ons sterven verdwijnt en niet heel gewelddadig vrij komt. Vooralsnog, ik bedoel tot ik een betere theorie heb, ga ik ervan uit dat het niet anders kan dan dat die enorme hoeveelheid energie wordt geabsorbeerd door de kennelijk bestaande werkelijkheid die buiten ons leven en onze bekende levende natuur een kennelijk zeer massale realiteit is.

Als je je nu mocht afvragen of ik deze theorie nu ooit ergens bewezen heb gezien dan moet ik toegeven dat ik vermoedelijk alleen sta met deze gedachtegang. Mocht je evenwel willen reageren dan ben je van harte welkom.

W.E.F.

Een stukje overgenomen uit NineForNews, dat naar mijn oordeel belangrijk genoeg is om het aan iedereen te vertellen.

Citaat:

Dankzij onderzoeksjournalist Marc van der Vegt zijn vorige week documenten gepubliceerd over projecten van het World Economic Forum in ons land. Het gaat om meer dan 1000 pagina’s.

“Wat blijkt? De Nederlandse regering en het WEF zijn volledig met elkaar verweven via allerlei projecten,” schrijft FVD-Kamerlid Pepijn van Houwelingen, die meermaals Kamervragen stelde over de banden tussen het WEF en de regering.

We zien ministers Kaag en Hoekstra in de vrijgegeven stukken terug in diverse clubjes van het WEF. Ook koningin Maxima duikt op.

Niet democratisch

Daarnaast heeft het ministerie van Landbouw ingezet op het vestigen van een ‘Centre for Fourth Industrial Revolution’ van het WEF in Nederland.

Een ambtenaar van het ministerie schreef in 2020 in een e-mail gericht aan een collega van het ministerie van Buitenlandse Zaken: “Gezien jullie betrokkenheid bij voedselzekerheid en jullie rol ten aanzien van internationale handel en ontwikkelingssamenwerking en de rol die Nederland daarin kan spelen via deze WEF-instituties, zou het denk ik goed zijn als vanuit Buitenlandse Zaken ook wordt geparticipeerd in de taskforce.”

“Het feit dat stakeholders beleid uitzetten en bepalen, daar vervolgens ook grof aan gaan verdienen en er dus stakeholder capitalism ontstaat in plaats van state capitalism, is niet democratisch,” licht Van der Vegt toe.

Als complotgek weggezet

“Politici van de regeringspartijen stonden twee jaar lang te liegen in de Kamer over betrokkenheid bij het WEF,” reageert data-analist Cees van den Bos. “Parlementariërs die vragen stelden, werden als complotgek weggezet. Alle ambtenaren die bij WEF-projecten waren betrokken, hielden de kaken stijf op elkaar.”

Het establishment besteedde geen aandacht aan de vragen die FVD stelde over de banden tussen het WEF en de regering, maar probeerde de aandacht af te leiden door te suggereren dat de partij banden met Rusland heeft.

Toen vorige week bleek dat oud-Senaatsvoorzitter René van der Linden (CDA) jarenlang de Russische belangen behartigde, bleef het ijzingwekkend stil. De CDA-politicus werd volgens NRC door het Kremlin ingezet om westerse politici en de publieke opinie te beïnvloeden.

Einde citaat.

Je kunt het ook rustig naast je neerleggen, maar dan straks verbaasd zijn als we straks geen baas meer in eigen leven zijn. Denk aan het corona bedrog hoe smerig slim dat werd gespeeld.

Je stem vertelt het en wat er mist in je stem geneest het

Vanmorgen in het bekende programma op Nederland één kwam tot mijn verbazing maar ook tot mijn blijdschap een onderwerp aan het bod waarmee ik inmiddels al meer dan twintig jaar bezig ben. Er werd namelijk verteld dat voor het diagnosticeren van de ziekte van Parkinson het analyseren van de spreekstem voldoende zekerheid bood en dat de methode mogelijk voldoende mogelijkheden biedt om andere aandoeningen te diagnosticeren.

Laat me eerst maar kort samenvatten wat ik zelf al twintig jaar doe met het geluid van de spreekstem. Ik was en ben er namelijk van overtuigd dat het geluid van onze stem en van de omringende geluiden overigens een belangrijke invloed op onze lichaamsfuncties uitoefent.

In onze door de farmacie overheerste gezondheidscultuur die gaat over prikken of slikken als het om geneesmiddelen gaat is natuurlijk – zoals ik al snel tot mijn teleurstelling merkte – weinig ruimte voor een dergelijk ogenschijnlijk vergezocht idee. Ik zal proberen mijn beweegredenen om met dit vergezochte idee toch twintig jaar door te gaan proberen te onderbouwen.

Ons lichaam bestaat voor het grootste deel tot bijna 90% uit water. Als we bijvoorbeeld merken wat er overblijft wanneer na een crematie de urn wordt opgehaald is dat meestal niet veel meer drie à drie en een halve kilo en daar zitten dan de verbrandingsresten van de kist ook nog bij. Dat we voor een groot deel uit water bestaan wordt daarmee duidelijk bewezen. Water is echter niet samendrukbaar volgens de wetten van de leer van de hydraulica. Dat betekent dan ook dat elk geluid dat water in ons lichaam in trilling brengt en de grootste, want meest nabije trillingsbron is de eigen stem. Maar tevens zal die trilling in al die lichaamsvloeistof van invloed zijn op de stem. Maar ook zullen afwijkingen eigenaardigheden, maar ook ziekteverschijnselen van invloed zijn op de klank van de stem.

Ik bedacht vervolgens – het was vergezocht, ik weet het – dat het mogelijk moest zijn om met klanken die in de stem ontbraken een genezend effect te bereiken. Opnieuw, ik geef het helaas toe, geen idee waar de huidige medicijngerichte geneeskunde blij van wordt, want als je iets met klanken kunt genezen worden er geen winstgevende medicijnen verkocht. Het is mij dan ook pijnlijk duidelijk dat de grote medicijnenlobby (je weet wel, van die coronaprikken) helemaal niet op mijn geluidstherapie zit te wachten.

Hierboven is een spectrum analyse te zien van vijf minuten spraak van een man van rond de zestig jaar. De getallen in de verticale lijn geven de geluidsterkte aan. De getallen in de horizontale lijn het aantal trillingen per seconde. Met grafieken zoals deze kan ik dus precies zien bij welke frequentie de stem het minder goed doet, waar de stem minder kracht heeft.

Nou dat is leuk, zul je misschien zeggen, dan weet je dat, maar wat moet je ermee.

Welnu, daar kwam dan mijn gedurfde fantasie naar buiten. Ik dacht: misschien worden die dips in het stemvolume wel veroorzaakt door een lichamelijk gebrek…en vervolgens: misschien kan dat lichamelijke gebrek wel verbeteren door extra die klank toe te dienen met die frequentie waarvan we in de spectrumanalyse kunnen zien dat hij minder sterk is.

Twintig jaar lijkt een lange tijd maar is toch niet zo heel veel als je alleen werkt. Geld voor personeel heb ik nog nooit gehad en zoiets fantasierijks als dit vindt bij alle gebaande paden ook weinig belangstelling en weinig zin om te investeren in groot onderzoek.

Hoe dan ook, door een mooi wervend bericht in de Amersfoortse krant van mijn eerste proefpersoon werd ik uitgenodigd om mijn verhaal te komen vertellen in het radioprogramma Cappuccino dat toen elke zaterdagmorgen te beluisteren was. Dat leverde mij in een week tijd twintig proefpersonen op.

Na al die jaren heeft mijn onderzoek in elk geval één bemoedigend resultaat opgeleverd: Ademhalingsproblemen, ouderdomsemfyseem lieten door toediening van de juiste klankfrequenties in praktisch alle gevallen verbetering zien. Zo ging mijn eerste proefpersoon van 19% vitale capaciteit waardoor hij de hele dag extra zuurstof nodig had naar 33% vitale capaciteit, waardoor hij alleen als hij van huis ging het zuurstoftankje nodig had.

Ik kan lang en enthousiast uitweiden over dit onderwerp wat wel een belangrijk deel van mijn levenswerk is geworden. Dat nu door anderen ook is ontdekt dat de stem nauwkeurige diagnostische mogelijkheden biedt is in feite eeuwenoude kennis. De Veda’s uit het oude India maakten al gewag van het feit dat de “goede genezer” aan de stem van de zieke kon horen wat er aan de hand was. Nu wordt het straks technisch mogelijk, uiteraard door heel veel vergelijkend onderzoek, enorm geld besparende diagnostiek te bedrijven met behulp van gestandaardiseerde spectrumanalyse van de stem.

Hopelijk zien nu meer mensen de fantastische mogelijkheden van de spectrumanalyse van de stem. Snelle en nauwkeurige medische diagnosetechniek zal in onze vergrijzende samenleving een enorme besparing op de kosten voor de gezondheidszorg kunnen opleveren. Heel welkom want tot nu toe wordt het elk jaar alleen maar duurder.

Ik zit langzamerhand niet meer te wachten op luidkeelse erkenning. Ik hoop alleen dat dit onderwerp zoveel aandacht krijgt dat we er allemaal efficiëntere geneeskundige ontwikkelingen door kunnen beleven. Stel je voor, ik fantaseer maar door, je praat vijf minuten in een diagnose apparaat en je weet onmiddellijk wat er met je aan de hand is en wat er ook meteen aan gedaan kan worden. Nou ja, meestal dan…

Het ging niet door

Ik vermoed dat iedereen in deze wereld wel enige ervaring heeft met dingen of gebeurtenissen waarop je eigenlijk rekende, maar die niet doorgingen. Afhankelijk van je karakter en hoe je dat ervaart en vooral ook in welke fase van je leven het gebeurt zullen dingen die niet doorgaan al dan niet diepe sporen van teleurstelling achterlaten, met alle gevolgen van dien.

Als zelfbenoemde ervaringsdeskundige wil ik daarover eens mijn verhaal vertellen, omdat ik ervaren heb dat dingen die niet doorgaan zowel lichamelijk als geestelijk wonden kunnen slaan die verbazend slecht lijken te kunnen genezen.

Ik werd geboren vlak voor de tweede wereldoorlog. Mijn vader was een marine man die direct al tijdens het bombardement op Rotterdam via de Nieuwe Waterweg met een half afgebouwde onderzeeër zo ongeveer over de bodem van de Noordzee naar Engeland is gevaren. Ik ontmoette hem voor het eerst in september 1945

Als in het begin één ding duidelijk was, dan was het wel dat wij niet aan elkaar gewend waren. Mijn arme vader, ooit een vrolijke vent kwam zowel lichamelijk als geestelijk zwaar beschadigd uit de duikbootoorlog in de Middellandse Zee. Voor mij was hij driftig en onberekenbaar en sloeg mij bij de geringste ontstemming. Mijn moeder was dan doodsbang en smeekte – als ik eraan denk hoor ik het nog – Oh Piet, Piet niet doen… Ik was bang voor zijn driftbuien. Voor mezelf opkomen? Verontwaardigd reageren? Zelfs maar een beetje boos worden? Ik keek wel uit. Dan kreeg ik klappen. Voor mezelf opkomen kon alleen in de vriendelijkste en aller beleefdste bewoordingen. Meestal vroeg ik mijn moeder maar dingen voor me te vragen. O, geen bijzondere dingen hoor, nee, een schoolavondje, daar was speciale toestemming voor nodig en dan moest Pappa’s humeur goed zijn. Aan vijf jaar onderzeeboot had hij een pijnlijke maagzweer over gehouden die hem ook een aantal keren met een hevige maagbloeding in het ziekenhuis deed belanden.

Belangrijk was het hem steeds weer naar de zin te maken.

Eigenlijk had hij weinig aandacht voor mij toen hij pas thuis was. Die aandacht kreeg ik eindelijk wel toen ik, naar ik veel later heb begrepen een wanhoop offer bracht. Dat begreep ik toen natuurlijk niet. In ons straatje in Den Helder was een autoherstel garage. Langs onze kant stond altijd een hele rij auto’s. Op 23 april 1946, een dag voor mijn moeders verjaardag, werd ik aangereden door een klein vrachtautootje van een visboer die met een lading ijs op weg was naar de visafslag. Vanaf die dag was ik bij mijn vader in beeld. Weliswaar bleef hij onberekenbaar driftig, maar in de drie maanden die ik in het ziekenhuis doorbracht was hij er elke dag en las mij voor.

Een heel duur offer is het trouwens voor mij geworden. Als het nu alleen een gebroken beentje was geweest, maar de stuntelende chirurg, een oud marine arts bezorgde mij een chronische zweer in een totaal verminkte rechter voet, terwijl mijn been boven de knie gebroken was.

Het grote keerpunt in mij jonge leven. Als knulletje van zes liep ik harder dan alle grote jongens in de straat. Vast en zeker zou ik een sportief leven geleid hebben als ik toen dat vreemde offer niet had gebracht. Ik zeg dat misschien een beetje ongebruikelijk, maar ik geloof niet in toeval en ik denk ook niet dat anderen dan ikzelf mijn leven en werkelijkheid bepalen. Mijn leven wordt volgens mij grotendeels bepaald door de manier waarop ik reageer op wat er om mij heen gebeurt en hoe de mensen om mij heen mij behandelen. Je zou zelfs kunnen zeggen dat het ongeluk mijn keuze was, een noodsprong weliswaar, maar wel mijn keuze. Dat mijn leven vanaf dat moment totaal anders werd dan oorspronkelijk mogelijk was geweest laat eigenlijk alleen maar zien dat het een wanhoopskeuze was. Mijn vader zag mij niet staan en ik was bang voor hem en na het ongeluk had hij in elk geval een hele poos veel aandacht voor mij.

Maar, en daar begint het grote thema van mijn leven: “het gaat niet door”. Nee, ik word geen spraakmakende sportman, nee, in militaire dienst willen ze mij niet hebben. Ik krijg na de keuring een briefje mee waar schuin overheen in rode letters gedrukt staat: VOORGOED ONGESCHIKT. Tja, dan hoef je niet in dienst, ben je dan blij? Nou ja, met een heel bittere bijsmaak.

Maar lijk ik dan in niets op die vader van mij, die er door zijn agressieve driftuitvallen voor zorgde dat ik nooit genoeg voor mezelf opkwam, opkom eigenlijk. Ja, ik lijk op hem. Ik ben ook driftig, maar nooit gewelddadig, ik houd me in en ik heb dan ook een chronische hoge bloeddruk, want dat krijg je ervan. Soms denk ik wel eens: op mijn grafsteen als die er zou komen moet gebeiteld staan: HET ENIGE DAT ECHT AAN HEM VERSLETEN WAS WAREN ZIJN REMMEN. Ja beetje bitter ben ik zo af en toe. Door mijn agressieve vader moesten woorden en meningen altijd op een goudschaaltje. Als overigens intelligente en getalenteerde jongen heb ik daardoor veel te weinig gewaagd. Teleurstelling is namelijk iets waar ik veel beter tegen kan dan tegen angst. Ik kreeg best veel talenten mee van die vader van mij: ik ben slim, ik vind dingen uit, ik ben muzikaal, ik kan op mijn twee en tachtigste nog steeds aardig jazznummers zingen, maar een beroepsartiest heb ik nooit willen worden, want dan moet je goed voor jezelf kunnen opkomen.

Ach ja, teleurstellingen waartegen ik me niet verzette of waartegen geen verzet mogelijk was: Ooit schreef ik een verhaaltje onder de titel “Hessel”. Vlak na de oorlog hadden we niet veel. Heel bijzonder was het bijvoorbeeld als een kind een karretje had met oude kinderwagen wieltjes waarop je kon worden voortgeduwd. Een knulletje bij mij in de straat, Hielke van der Vaart had zo’n karretje en ik had met hem afgesproken dat wij de volgende dag samen met dat karretje zouden spelen. Toen ik dan die volgende ochtend bij hem aankwam vertelde hij dat wij niet met het karretje konden gaan spelen omdat er een wiel los zat. De spijker die het losraken moest tegen houden was weg en hij had geen andere. Straten verder op ging ik bij opa en oma uit de schuur een spijker zoeken. Maar toen ik een klein half uur later met die warme, enigszins roestige spijker in mijn handje aankwam had Hessel Bakker van de overkant al eerder een spijker gevonden. Hessel zei alleen maar: ‘je ken niet meedoen’, en daar stond ik dan met mijn spijker. Ik werd ook niet boos, alleen maar verdrietig.

Och ik weet het wel er zijn ergere dingen, maar kinderverdriet kan etsend zijn voor de rest van je leven.

Het eerste kindje dat mijn eerste vrouw en ik verwachten werd dood geboren. Vanwege een torenhoge bloeddruk was mijn vrouw opgenomen in het ziekenhuis. Het kind leefde en zou een maand later geboren kunnen worden, maar mijn vrouw kreeg ’s avonds een niet te stelpen neusbloeding. De KNO arts die gewaarschuwd was zei dat hij morgenochtend wel eens kwam kijken, Maar toen was het kind in de baarmoeder overleden vanwege de enorme bloeddrukdaling. Het was een jongentje. Een paar dagen later belde het ziekenhuis. Wanneer ik dat kind nu ging begraven. Op zaterdag morgen stond er een taxi voor de deur bij mijn ouders waar ik toen even logeerde. Naast mij op de achterbank stond een klein zwart kistje. Wij reden naar het kerkhof waar ik op die zonnige zaterdagmorgen met dat kistje in mijn handen over een knerpend grindpad liep tot we aankwamen bij een klein grafje. Ik kon knielen op de plank die ernaast lag om dat kistje met het lijkje van mijn zoon in de kuil te zetten. Een van de twee begrafenis kraaien die me gebracht hadden en gevolgd hadden vroeg of ik nog wat zeggen wilde. Ik schudde mijn hoofd, mijn keel zat dicht.

Daarna hebben mijn eerste vrouw en ik nog twee meisjes gekregen die allebei de taaislijm ziekte, Cystic Fibrosis, hadden. De oudste, Katinka, is in 2000 op zesendertig jarige leeftijd aan die ziekte overleden. Mijn Jongste dochter die net vijftig is geworden leeft nog dankzij een nieuw medicijn, waardoor ze meer lucht heeft gekregen, waarvoor ik heel dankbaar ben.

Nu zou je misschien denken dat ik een somber mens ben, maar dat ben ik niet. Van nature ben ik vrolijk. Ik zing eigenlijk altijd, maar weet je, ik heb nooit hoge verwachtingen gehad en dat heeft ook te maken, denk ik, dat ik nooit uit alle macht dingen heb gewaagd en voor mezelf succes heb nagejaagd. Het lijkt er een beetje op dat toen op zesjarige leeftijd mijn beentje brak, mijn wil om te slagen ook een beetje gebroken is.

Een paar jaar geleden schreef ik eens een verhaal waarin ik als volwassene terug keerde naar de Nieuwstraat in Den Helder. Op 23 april 1946 projecteerde ik mijzelf als volwassene. Ik stond te wachten voor de slagerswinkel van Krijgsman, op de hoek, twintig meter verwijderd van de voordeur waaruit ik als zesjarige straks op dat fatale moment tevoorschijn zou komen. Op het moment dat ik het kleine vrachtautootje met ijs van Willen Gersen op weg naar de visafslag zou horen aankomen zou ik naar nummer 21 waar we toen woonden toe lopen en als kleine zesjarige Petertje dan de deur uitkwam en wilde oversteken tussen de geparkeerde auto’s door, dat zou ik heel even mijn hand op die kleine schouder leggen en ik zou in mijn zesjarige gedaante omkijken, maar natuurlijk niets zien. Op dat moment zou dat dat vrachtautootje voorbij rijden en was het ongeluk niet gebeurd. Maar toen ik in gedachten met mijn volwassen hand boven mijn kinderschouder stond durfde ik niet. Ik durfde niet te proberen erachter te komen hoe dan mijn leven geweest zou zijn. Ik heb me er maar bij neergelegd dat mijn leven totaal anders is gelopen dan ik vermoedelijk oorspronkelijk had bedoeld.

Hoe dan ook, met mij hoef je geen medelijden te hebben. Voor grote successen is het nu toch te laat en die laatste jaren in de herfst van mijn leven probeer ik wel zo genoeglijk mogelijk door te komen. Ik hoop alleen dat we geen oorlog krijgen, want die heb ik al een keer gehad.

Guus Berkhout

Hij en ik komen van de zelfde middelbare school, de Rijks HBS in Den Helder die we allebei tussen 1952 en 1958 bezochten. Het was een goede degelijke school. Na het behalen van het diploma 5-jarige HBS-B volgde ik een onderwijsopleiding. Guus ging, als ik me goed herinner naar Delft, waar hij Geofysica studeerde. Tamelijk succesvol heb ik begrepen want hij is nu hoogleraar emeritus en heeft nog steeds belangrijke dingen te melden, zeker als het gaat over de belachelijke klimaatonzin die bijna alle Europese overheden ons door de strot proberen te duwen. Slimme en goed ingelichte man, Guus.

De overheid zet hoog in op de stekkerauto. Want elektrisch rijden is milieuvriendelijk, is de overtuiging. Onzin, betoogt Guus Berkhout. „We worden weer zwaar voor de gek gehouden. Elektrische auto’s rijden op kolen, gas en hout. En het net kan de elektrificatie helemaal niet aan.”

Met houtstook subsidiëren we onze eigen luchtvervuiling, met het subsidiëren van windparken en zonne-akkers bederven we onze woonomgeving en krijgen er nauwelijks energie voor terug, zoals Ronald Plasterk al uiteenzette in zijn Telegraaf-column, met waterstof gaat zo’n 70% (!) kostbare energie verloren en ik zal nu uitleggen dat we met de subsidiëring van elektrische auto’s ons mooie stroomnet opblazen.

In de afgelopen jaren is het stroomverbruik in ons land snel toegenomen naar 120 miljard kWh. Dat is bijna 20% van het totale energieverbruik. Waar komt al die elektriciteit vandaan? Afgerond was volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in 2019 de verdeling als volgt: kolen en gas 77%, wind en zon 13%, biobrandstof 5% en nucleair 5%. We kennen geen elektriciteitsnet per energiebron, waardoor je precies zou weten van welke bron je elektriciteit tapt. Dus de elektriciteit van alle verschillende energiebronnen gaat gezamenlijk één net in. De elektronen kunnen niet worden gemerkt, dus als je stroom afneemt kan de consument geen onderscheid meer maken.

Het lijkt allemaal zo mooi. Volgens de overheid tanken we groene stroom; dat geeft minder luchtvervuiling en minder CO2-uitstoot. Dus met elektrisch rijden helpen we de natuur en het klimaat. Helaas, de werkelijkheid is duidelijk anders.

Onbetrouwbaar

Iemand die met zijn elektrische auto stroom tankt, tankt voor ruim 87% elektriciteit uit hout, kolen, gas en kernenergie, en maar voor 13% uit zon en wind. Bovendien, zon- en windaanbod is onbetrouwbaar. Met de waterstofhype als ’oplossing’, blijft er van die 13% slechts 4% over. Waar zijn we mee bezig?


Prof. dr. ir. Guus Berkhout is emeritus hoogleraar geofysica en president van CLINTEL  ANKO STOFFELS


Batterijpakketten zijn loodzwaar. Daardoor is de stekkerauto aanzienlijk zwaarder dan de moderne benzineauto. Bij het vele remmen en optrekken in de stad wordt daardoor aanzienlijk meer fijnstof geproduceerd. Bovendien, niet alleen is de productie van batterijen extreem milieuonvriendelijk. We weten ook niet wat we met al die afgedankte batterijpakketten moeten doen.

Er wordt al jaren door TENNET gewaarschuwd dat het bestaande stroomnet al die nieuwe functies niet meer aan kan. De overheid speelt met vuur, want stroomstoringen zijn een ramp voor elke moderne samenleving.

Jogger

De nadelen van elektrisch rijden blijken vele malen groter dan de voordelen. Waarom krijgen we dat niet te horen? Waarom weigert de overheid te kiezen voor véél betere oplossingen? Zo hebben we een onverwacht geschenk gekregen van de auto-industrie. De allernieuwste dieselauto blijkt superzuinig en superschoon te zijn, emitteert nauwelijks nog stikstofoxyden (NOx) en stoot veel minder CO2 uit (TNO). Wist u dat zo’n schone auto even weinig CO2 uitstoot als een jogger (95gr/km)?

Verstandig

Als we dan toch zo graag willen elektrificeren, de elektrische fiets is al een groot succes en bouw daar op voort! Nu beginnen met elektrificatie van de ruim één miljoen brom- en snorfietsen in ons land is een verstandig vervolg. Dat plan kan ons stroomnet goed aan en zal ook nog eens mensen de auto uithalen. Weg met de laadpalen, leve de elektrische micromobiliteit!

Er wordt ons verteld het klimaat te redden door elektrisch te gaan rijden. Daarmee worden we zwaar voor de gek gehouden. Helaas niets nieuws in klimaatbeleid.

Bron: Telegraaf – Prof. dr. ir. Guus Berkhout is emeritus hoogleraar geofysica en president van CLINTEL

dmi elektrifikatie elektrisch-batterijen elektrische-auto opinie

Nu lees je het ook eens van iemand die er echt verstand van heeft.

Hoe het waarschijnlijk echt zit

Dat wat we allemaal graag willen, wereldwijd, lang, gezond en gelukkig leven, dat kan echt niet hoor. Ik moet zeggen dat ik er persoonlijk geen bezwaar tegen zou hebben, maar de wereldelite denkt daar anders over tegenwoordig. Er is een tijd geweest, nog niet zo heel lang geleden, dat de elite daar anders over dacht. Althans, ze waren het daarover niet met elkaar eens. Aan de ene kant had je de transhumanisten die altijd al vonden dat het op onze wereld met veel minder mensen moet. Dat moeten dan wel allemaal door natuurlijke soortveredeling mensen uit voornamelijk hun groep of aanverwant begunstigde groepen zijn. Eigenlijk waren dat de mensen die er net zo over dachten als de nazi’s. Die hadden het over Übermenschen en Untermenschen. Aan de andere kant waren er de langzaam opkomende miljardairs die het moesten hebben van zoveel mogelijk klanten om hun vaak volstrekt overbodige producten te kopen die door slimme psychologisch gestuurde reclames aan de man werden gebracht. Die hadden dan altijd weer belang bij heel veel goedgelovige mensen.

In beide elitegroepen ging en gaat het natuurlijk om de macht. Het blijkt nog altijd hoogst aantrekkelijk – ook voor niet elitaire mensen trouwens – om je wil te kunnen opleggen aan liefst zoveel mogelijk mensen.

Het lang kunnen leven en lang jong blijven is, zoals ik in een eerder blog schreef, niet voor ons bedoeld. Ik illustreerde die bewering toen met een tekst uit de bijbel, Genesis 6 vers drie, waar geschreven wordt over de naar we nu weten maximaal 120 jaar die ons zijn toegemeten. Als we dat allemaal zouden halen zou het volgens de wereldelite toch nog veel te kostbaar worden. Ga maar na, zeg nou dat de pensioen gerechtigde leeftijd op den duur naar 75 jaar gaat. Die 65 jaar is tenslotte al lang losgelaten. Dan zit men – zo denkt de elite – met een gat van 45 improductieve jaren, mensen dus die wel dagelijks moeten eten, maar die officieel niets meer verdienen en dus pensioen krijgen. De adviseur van Klaus Schwab, Yuval Harari, noemt die mensen nutteloze eters die in feite, volgens hem dan, moeten verdwijnen. Daarom heeft het eliteclubje in hun afdeling “stiekem” al heel lang geleden een van de smerigste plannen bedacht die er ooit bedacht zijn. Ze vinden – en dat menen ze echt – dat er eigenlijk veel minder dan de helft van alle mensen moeten overblijven. De vraag was dus: hoe doen we dat?

Antwoord: we doen alsof er een dodelijke pandemie is waaraan over de hele wereld miljoenen mensen zullen sterven.

Dat is natuurlijk niet waar, maar als alle overheden meewerken dan geloven de mensen dat en ze worden bang en bange mensen kun je gemakkelijk belazeren. Die geloven alles waarvan je ze laat denken dat ze erdoor buiten gevaar raken.

Dan gaan we ze zogenaamd vaccineren met een middel dat wel dodelijk is. Ze gaan dan bij bosjes dood en ook kinderen sterven eraan. Ook heel effectief is dat vrouwen bijna niet meer zwanger kunnen worden en dat er ook enorm veel miskramen zijn en mismaakte kinderen geboren worden. Het mooie is natuurlijk dat het hele suffe volk gelooft dat we enorm ons best doen om de gezondheid van de mensheid te redden, omdat niet alleen de Wereld Gezondheids Organisatie, maar ook alle overheden – nou ja, bijna alle overheden – onze boodschap brengen: boosterprikken nemen want het virus is nog lang niet weg. Intussen begint het al lekker op te ruimen.

Vervelend was overigens dat bekend werd dat de president van Frankrijk en de meeste Franse politici zich niet hebben laten vaccineren. Dat had natuurlijk niemand mogen weten, maar och, het volk vergeet snel.

Kijk, en zo komen we in een mooi tempo van heel veel nutteloze eters af door een weliswaar kunstmatige maar daarom niet minder effectieve ontvolking.

Wat ik nu persoonlijk het meest verdrietige vind is dat waar we vroeger op vertrouwden, de eerlijke bedoeling van de geneeskunde om voor onze gezondheid te zorgen, die eerlijke bedoeling is op veel plaatsen verloren gegaan. Heel langzaam worden we wakker als het om geneeskunde gaat. Meer en meer zien we dat de  almachtige farmaceutische industrie, meestal aangeduid als BigFarma, er geen belang bij heeft dat wij gezond zijn en dus geen medicijnen nodig hebben. Zij maken dan ook bijna nooit geneesmiddelen. Ze maken middelen waardoor we zo weinig mogelijk van onze ziekteverschijnselen merken zolang wij, afhankelijk als we zijn gemaakt, hun rommel blijven gebruiken.

Een en ander stelt mij tenslotte toch voor de volgende vraag: moet ik vertrouwen hebben in organisaties die er belang bij hebben dat ik ziek ben zolang ik leef?

En dan nog te bedenken dat sedert het begin van het vaccinatiebedrog dat laatste stukje van mijn vraag, zolang ik leef, eigenlijk ook niet meer van toepassing is. BigFarma heeft er alleen nog belang bij dat ik ziek ben.

Wat kunnen wij nu nog doen? Ik kan niets anders bedenken dan redden wat te redden valt. Zoveel mogelijk mensen met hun vergissing confronteren en duidelijk maken dat ook onze regering niet meer te vertrouwen is en dat het hele pandemie verhaal één grote perverse leugen was die nu de rampzalige gevolgen begint te tonen.

Op het ogenblijk wordt – ook heel slim – onze aandacht van het wereldwijde bedrog afgeleid door de oorlog in Oekraïne, waardoor we voorlopig door hobbelen in het bedrieglijke corona narratief tot het te laat is.

Ik kan alleen zeggen: vaccinaties van welke soort ook bevatten stoffen, onder andere kwik en aluminium zouten waardoor er een sterke toename van Alzheimerpatiënten en andere gemene aandoeningen is en het grafenoxide dat is aangetroffen in de coronaspuiten beschadigt je bloedvaten en zorgt voor grote stolsels en hartproblemen. Veel te grote eiwitmoleculen in de vaccins kunnen in ons bloed niet worden afgebroken en gaan ontbinden, waardoor giftige stoffen vrij komen. Er zijn in ons milieu meer dan genoeg smerige en ziekmakende factoren. Maak het nou niet nog erger met vaccinaties en zeker niet voor kinderen.

Pijnlijk.

Ach ik ben nu eenmaal al veertig jaar op die krant geabonneerd. Eigenlijk sinds mijn oude muziekmakker met het raspende bronzen stemgeluid, Jan van Kleef daar chef algemene zaken was. Ja, dat waren mooie tijden, maar tegenwoordig bekijk ik alleen de taal puzzeltjes nog maar. Helaas is de krant van zogenaamd wakker Nederland goeddeels afgegleden naar het overheidsnarratief, zoals dat tegenwoordig als excuus wordt gebruikt om alle evidente waarheden te verdraaien.

Wat je zegt, ja het is treurig. Tenslotte lees je een krant om erachter te komen wat er aan nieuws is en niet om te lezen wat de rioolratten van de nieuwsgaring nu weer voor flauwe kul hebben verzonnen.

Ik verzin het niet, ik citeer: Het is vaste prik bij de mediagevoelige drama’s: amateurspeurneuzen gaan zich ongevraagd met de zaak bemoeien. Ze zijn ervan overtuigd dat ze de ware toedracht weten, vaak op basis van complottheorieën en haaks op wat justitie vindt. Tot zover dit citaat.

Hoe komt een dergelijke opening nu op mij over? Nou, om te beginnen gaan mijn haren recht overeind staan bij een dergelijke denigrerende oproep tot brave kritiekloze volgzaamheid. Ik vraag me dan werkelijk af of het de bedoeling van deze manipulerende krantenpulpschrijvers is dat we allemaal braaf geloven wat overheidsorganen ons in de huidige Nederlandse leugenstaat door de strot proberen te duwen.

Deze – ja, hoe zal ik ze noemen – nou vooruit, manipulatieve dagbladmedewerkers – zijn ingehuurd en worden betaald om door middel van het naar voren halen van enkele goedbedoelende, maar helaas misslaande burgers ons in te prenten dat we vooral gehoorzaam het officiële en naar wij zeker weten mismaakte nieuws moeten geloven.

Vanmorgen ging ik naar het toilet en merkte dat het toiletpapier bijna op was. Gelukkig ligt de Telegraaf er nog, dacht ik.

Over virussen en de leugen van Pasteur

Virus

Virussen, micro organismen Dr Hamer en de leugen van Pasteur

Soms kom ik een stuk informatie tegen waarvan ik denk: dit moet iedereen te zien krijgen om erover na te kunnen denken en vooral, indien mogelijk, zijn eigen gevolgtrekkingen te maken.

exosomen

Virussen, micro organismen, kun je besmet raken?
Dr Hamer en  de leugen van Pasteur

Er is ons geleerd dat er besmettelijke micro-organismen zijn die ons lichaam kunnen binnendringen en ons ziek kunnen maken. Deze kijk op ziekte wordt kiemtheorie genoemd (germ theory).

Er is een andere kijk op ziekte, die bacteriën en virussen ziet als essentiële spelers in symbiose met onze cellen in ons lichaam. Ziekten zijn het gevolg van milieutoxiciteit en/of het nuttigen van slechte voeding. Deze weergave wordt terreintheorie genoemd (terrain theory).

De meerderheid van de mensen gelooft dat ziekte van buiten het lichaam komt. Ofwel via “virussen”, ofwel via bacteriën, die de vergeten boodsdoeners van gisteren zijn. Maar draai het of keer het: externe ziekteverwekkers zijn het basisdogma van de moderne medische ideologie.Ikzelf heb dat ook héél lang geloofd. Ik wist ergens wel dat dat niet klopte, maar tot ik ontdekte waarom we precies zo negatief zijn over onze kleine vrienden, de microben, kon ik het bedrog niet benoemen. Nu wel: ziekte start niet buiten het lichaam maar binnen de geest, en wat wij nu nog verkeerdelijk ziekte-symptomen noemen zijn in feite helings-signalen, nadat de échte ziekte (een geestesconflict) is opgelost. Voila. Dat is in één zin waarom ik niet langer in ziekmakende virussen geloof.Ook Dr. Hamer van de Nieuwe Germaanse geneeskunde onderschrijft dat microben ons helingsproces helpen. Bij Kanker en andere kwalen als het emotioneel conflict herkend is in het bewustzijn helpen de microben ons te helen.Een andere aanwijzing is dat een virus buiten het lichaam niet geïsoleerd kan worden.
Met andere woorden u kunt dus niet van buitenaf besmet worden.Dat woord, namelijk, “virus”, betekent letterlijk “gif”. Het is een Latijns woord dat oorspronkelijk diende voor de aanduiding van etter, pus, de vuiligheid die het lichaam afscheidt wanneer een wonde heelt. Het is in wezen dus niet meer dan het excrement van bacteriën, die keihard werken om onze wonden te dichten. Of dacht u dat wij dat zelf doen misschien? Tja. We verteren niet eens ons eigen voedsel. De ruim 3 kilo aan bacteriën die in ons wonen zijn keiharde werkers, en niet één ervan is schadelijk.De reden dat we dat jammer genoeg wel denken, komt door het bedrog van één van de grootste fraudeurs in de geschiedenis van de mensheid: Louis Pasteur. Die onverlaat, die enkel in Robert Koch zijn gelijke vond, werkte in opdracht van zijn regering aan een theorie over zogenaamde “ziektekiemen”: kleine materiële deeltjes die de tegenstander ziek zouden maken. Want één ding moet u goed beseffen: de vroege ontwikkeling van de micro-biologie speelde zich volledig af in een angstig militair klimaat.In 1871, namelijk, hadden de Pruisen de Fransen nog eens goed op hun plaats gezet, en het revanchisme in Frankrijk vierde dan ook hoogtij. Pasteur’s eigen zoon had in die oorlog gevochten, en de verbetenheid waarmee men nu naar nieuwe manieren zocht om de Duitsers te vernietigen kende geen grenzen. In de typische arrogante stijl van het 19de eeuwse positivisme – zogezegd wetenschap, maar vooral veel fantasie – ging Pasteur dus zonder enig bewijs gaan beweren dat bacteriën ziekmakers zijn.Hoe we dit weten? Wel, zéér eenvoudig: van alle experimenten die hij vervalste om die bewering staande te kunnen houden, hield hij een meticuleus privaat dagboek bij. Een soort zwarte boekhouding dus, om zélf nog te weten wat waarheid en wat fictie is. Als je liegt, namelijk, moet je een héél goed geheugen hebben. Of een goed dagboek. Pasteur wist overigens hoe explosief deze literatuur was, want toen hij zijn erfenis naliet was er één voorwaarde aan verbonden: dat deze dagboeken nooit zouden worden gepubliceerd.Tot in 1993 een achterkleinkind van Pasteur de leugen niet meer kon verdragen, en dat toch deed. Hij stapte naar Prof. Dr. Geison van Princeton University, die deze notities twee jaar later uitbracht in “The private science of Louis Pasteur”. Dit boek indexeert op gedetailleerde manier hoe Pasteur zijn experimenten bewust vervalste. Er is simpelweg geen ontkennen aan, want hij hield zelfs bij hoeveel gif hij aan de controlegroep honden had toegediend die zijn zogezegd “gezondmakende” vaccin niét hadden gekregen.Pasteur is dus een fraudeur. Punt aan de lijn. En dus stel ik u de vraag: als het hele idee dat de oorzaak van ziekte ligt bij externe ziekmakers gebaseerd is op een vuile leugen, tenminste in het geval van bacteriën, hoe plausibel is het dan dat hetzelfde niet gebeurt met virussen, die eigenlijk gewoon kleinere microben zijn.De westerse geneeskunde is gebaseerd op een leugen. De big pharma is ontstaan rond 1904/1930 toen Rocker Feller, Carnegie en Wnston Churchil naar een lucratieve wijze zochten om geld te maken. De big pharma zijn ontdekte om chemische middelen te maken uit olie. Later is daar de lucratieve oplossing van vaccinaties bij gekomen.
De vraag is hebben wij vaccinaties eigenlijk wel nodig of is ziekte en symptomen een natuurlijk proces van ons afweersysteem. 
Lees verder