Afvalzakken.

‘Het is schandalig, die prijs’, zei mijn vrouw. Nu ben ik wel van haar gewend dat ze over prijzen klaagt dus ik humde maar instemmend. ‘Twintig afvalzakken voor drie en een halve Euro en je bent wel verplicht om die dingen te gebruiken. Een ramp voor mensen met een heel klein inkomen: je moet iets kopen om weg te gooien, je hebt er dus niets aan.’ Tja, zo had ik er nog niet aan gedacht, maar dan weet ik er nog wel een, al die verpakkingen. Die zijn er eigenlijk alleen maar voor het gemak van de supermarkt. Want door al die verpakkingen kan iedereen in de winkel zelf grijpen wat hij hebben wil en in het boodschappenmandje – of karretje gooien.

Ik heb ze zien komen, de supermarkten: De Gruyter met het snoepje van de week, De Spar met ‘kopen bij de Spar is sparen bij de koop’ en dan natuurlijk de oorspronkelijk Zaanse grutter, Albert Heijn.

Nou vooruit als je zo oud bent als ik mag een beetje nostalgie ook een plekje hebben. Ik denk dat het vanaf mijn tiende jaar was, zeg maar negentienvijftig. We woonden in Den Helder in de Lijsterstraat. Elke dag kwam melkboer Baanstra aan de deur. Eerst met een bakfiets en later met wat ze een mechanische hond noemden: een wat grotere kar met een motor. Verder kwam bakker Slikker aan de deur met zo’n bakfiets met een deksel, anders werd het brood nat als het regende. De bakkers en de melkboeren hadden de stad in wijken verdeeld en de mensen hoefden eigenlijk alleen hun huizen uit als bijvoorbeeld de melkboeren om de beurt een week vakantie hielden. Dan mocht ik onze melkboer, Kooiman, helpen want dan was er een dubbele wijk. Ik mocht dan losse melk in pannetjes tappen en afrekenen – een liter losse melk kostte 21 cent. Van de melkboer kreeg ik na een week helpen een hele rijksdaalder. Daar was ik dan apetrots op.

En dan was er de kruidenier, Toon Mooij. Zijn winkeltje was in de Basstraat, maar omdat de aanloop daar blijkbaar niet heel groot was had Toon bedacht dat een goed idee was om een uitbreng wijk te beginnen. Met een transportfiets met een grote mand voorop kwam hij elke week twee keer bij mijn moeder. Eerst met het boekje om de bestelling op te schrijven en later om de doos met de boodschappen te bezorgen. Heel lang heeft Toon dat gedaan, ik denk wel tot mijn zestiende. Als ik thuis was als hij de bestelling kwam opnemen vroeg hij mij altijd: ‘wil je een bokkie?’ Daar zei ik geen nee tegen, want hij bedoelde een Willem Twee sigaartje uit het rode doosje dat hij altijd in zijn jaszak had. Ik denk nog vaak terug aan die tijd. Alle kruidenierswaren waren los te krijgen en werden geleverd in bruin papieren puntzakken. En ja, als het druk was moest je in de kruidenierswinkel en bij de slager op je beurt wachten, maar dat heeft zich nu verplaatst naar de kassa. Toen waren er veel kleine winkels waardoor het met de drukte eigenlijk wel meeviel. Als het erg druk was en je kwam binnen, dan vroeg je gewoon: ‘wie was de laatste?’ en dan wist je na wie je aan de beurt was. Omdat er veel kleine winkels waren kenden de klanten die er kwamen elkaar meestal wel. In de winkel stonden ze dan tijdens het wachten gezellig met elkaar te kletsen.

Vuilniszakken hadden we niet. De vuilniswagen kwam één keer in de week langs om de grote zinken vuilnisemmers te legen. Nu gooien we voor kapitalen weg aan verpakkingsmateriaal in vuilniszakken, 20 stuks voor € 3,50 . Waanzin. En als je me nu vraagt of het allemaal beter is geworden, dan kan ik alleen maar constateren dat veel kleine ondernemingen die ons vroeger uitstekend bedienden opgeslokt, weg geconcurreerd zijn door grote multinationals, waarbij we nu al geen of nauwelijks meer controle hebben op wat we eten. Tja, de moderne grootgrutters: groot, schreeuwerig en inhalig.

Wensnatuur.

“Alles moet wijken voor de wensnatuur”, schreef Leon de Winter vandaag in de Telegraaf. Ik ga steeds meer uitkijken naar de volgende column van die man. En wat ik het mooiste vind is dat de Telegraaf, die toch al geruime tijd het geluid en het leugenachtige geklets van de overheid laat horen aan deze volstrekt realistische columnist alle ruimte geeft om het overduidelijk niet met de onzinnige overheidsstandpunten ten aanzien van zowel het stikstof als het CO2 geneuzel eens te zijn. Heerlijk om te lezen en ook prettig om op te merken dat mijn keuze voor een krant die dagelijks in mijn brievenbus valt uiteindelijk mij toch een uiting van oprechte maatschappelijke zorg toont.

Leon wijst in zijn column fijntjes op de oorspronkelijke natuur, zoals die in ons land zou zijn als wij niet eeuwenlang het gevecht met de zee waren aangegaan. Er is in ons land niet of nauwelijks sprake van oorspronkelijke natuur, maar veeleer van wat wij door noeste arbeid hebben verkregen en waarvan de ongelofelijk stupide globalisten ons nu willen laten geloven dat het allemaal moet verdwijnen.

Ik weet echter – de Winter zal dat zeker met mij eens zijn – dat de productie van ons voedsel in Nederland onze eigen behoefte overstijgt. Wij produceren dus genoeg voedsel voor ons allemaal en meer. Wij kunnen voedsel exporteren en daar verdienen we aan. Ik laat even buiten beschouwing of het allemaal even diervriendelijk is. Ik heb me overigens nooit verdiept in de psychologie van kippen en varkens – die laatste eet ik overigens zelf nooit – en ik ben dus niet heel goed op de hoogte van de gevoelens van een slecht behuisde kip en van die van een vrije uitloopkip op het moment dat het slagersmes door zijn nek gaat en het inmiddels ontkopte kippenlijf wordt geplukt. Ik weet dat niet. Wat ik wel weet is dat er binnen religieuze groeperingen, zoals de joden en de moslims wetten betreffende met name vlees als voedsel bestaan, waardoor zoveel mogelijk paniek en doodsangst bij de slachtdieren wordt voorkomen, waardoor er zo weinig mogelijk stoffen in het vlees komen, hormonen, die de mens in zijn voedsel geen goed doen. Ik hoef niet elke dag vlees. Een of twee keer in de week vind ik best, maar om nou plotseling alle boeren te verjagen, nadat koning economie ze eerst op bijna niet meer terug te verdienen kosten heeft gejaagd en de ziekelijke regelgeving daar door de jaren heen bijna niet te torsen lasten bovenop heeft gelegd, gaat mij veel te ver. Wel zou ik trouwens een lans willen breken voor dat heel zorgzame slachten. Daar wordt ons voedsel beter van.

Vroeger las ik eens een boek dat naar het schijnt tot de grote literatuur behoorde. Het was een verhalenbundel van de Nederlandse schrijver Anton Koolhaas. Het heette: Andermans Huid. Er stonden dierverhalen in waarin dieren iet of wat menselijke gedachten werden toegedicht. Aardige verhalen moet ik zeggen. Vond ik trouwens ook van het aloude verhaal Van Den Vos Reinaerde. Toch hebben al die verhalen mij nimmer geprikkeld om me aan te sluiten bij de partij voor de dieren, omdat ik vind dat je best goed voor dieren kunt zorgen en ze vervolgens opeten. Kijk naar onze gebitten, over natuur gesproken. Onze tanden en kiezen laten zien dat wij van nature omnivoren zijn, alleseters. Ik ervaar dat ik mij het beste voel als ik mij afwisselend met plantaardig en dierlijk voedsel voed. In de kakofonie van dierenliefde en goede bedoelingen wordt echter helaas vaak overdreven. Mensen die dat doen beseffen niet dat globalisten daar dankbaar gebruik van maken om hun eigen veel schadelijker plannetjes door te drukken.

En nu dan? Onze volkomen doorgeslagen overheid, aangestuurd door de meest verderfelijke globalisten die in wezen van ons af willen, zijn bezig met een programma om onze hele wereldbevolking eerstens sterk te verminderen en in de tweede plaats tot gehoorzame slaafjes te maken. Ze doen dat op een zodanige manier dat ze denken dat wij het niet merken. Ja prachtig, maar daar trap ik niet in.

Nu is het nog zo, zoals ik al schreef, dat wij in dit land voldoende voedsel produceren voor ons allemaal. De globalisten willen echter dat ons voedsel straks uit hun fabrieken komt. Dan weten we in elk geval niet meer wat ze er allemaal in stoppen. Ik weet niet hoe jij erover denkt, maar van dat idee word ik niet gelukkig en waarschijnlijk ook niet gezond.

De merkwaardige uitvinding van een piloot uit de eerste wereldoorlog biedt versterking van de lichaamseigen afweer en daarmee bescherming tegen infecties.

Leon Ernest Eeman was een militaire piloot in de eerste wereldoorlog. De vliegtuigjes waren nog eenvoudig en vlogen nog niet zo snel. De bommen werden vaak met de hand uit het vliegtuigje op de vijand gegooid. Het vliegtuigje was nog vrij gemakkelijk door de vijand te raken en uit de lucht te schieten.

Dat gebeurde Ernest Eeman ook. Gelukkig kwam hij niet brandend naar beneden en ook landde hij niet in vijandelijk gebied, maar hij was wel gewond en zijn beide benen waren verlamd.

Hoe hij op het idee gekomen is heb ik niet terug kunnen vinden, maar hij bedacht een constructie met kopergaas en wat elektriciteitsdraad, een soort mat eigenlijk, waarop hij kon liggen. Met deze constructie versterkte hij het herstellend vermogen van zijn lichaam en genas hij de verlamming van zijn benen. Onderstaande tekening toont het eenvoudige instrument waarmee hij zichzelf genas. Deze opstelling zorgt ervoor dat de grote energieverdeler, gevormd door het Conceptievat (voorzijde) en de Gouverneurmeridiaan (achterzijde) meer energie krijgt.

Het ziet er eenvoudig uit en dat is het eigenlijk ook. De kracht van dit eenvoudige instrument is echter dat het de zelfherstellende kracht van het lichaam verhoogt en daarmee genezing versnelt. Ook betekent deze verhoging van het zelfhelende vermogen van het lichaam een betere afweer tegen straling van buiten. Met alle al dan niet gewenste stralingsbronnen waarmee we tegenwoordig worden geconfronteerd is dat een zeer belangrijke eigenschap. Zijn ontdekking hield hij evenwel niet voor zichzelf. In de tijd tussen de wereldoorlogen, de periode die in de wereldgeschiedenis bekend staat als het interbellum had hij een bloeiende praktijk in Londen waar hij vele honderden patiënten liggend op zijn Eeman shields hielp van hun kwalen te genezen. Na zijn dood en ook na wereldoorlog twee is zijn werk in de vergetelheid geraakt. Vreemd is dat natuurlijk niet. De wetenschap die zich voornamelijk met geneeskunde bezig houdt is de farmaceutische industrie die uiteraard niet alleen belang heeft bij geneeskundige resultaten, maar ook bij winst die niet te behalen is bij matjes waarop je ligt om te genezen, maar veeleer bij pillen die je telkens opnieuw moet kopen. Handel is handel.

Reuze aantrekkelijk en niet duur, liggen op zo’n matje, zou je op het eerste gezicht zeggen. De ervaring heeft mij echter geleerd dat we geen tijd willen besteden aan het rustig ergens op gaan liggen om daarvan misschien beter te worden. Bovendien kun je op de afgebeelde manier niets anders doen. Nou ja, Tv-kijken dan misschien.

Tegenwoordig hebben we echter heel dunne, soepele stoffen die dezelfde kwaliteiten hebben als kopergaas. Het bedrijf Holland Shielding Systems in Dordrecht maakt voor cliënten over de hele wereld hiermee opstellingen waarbinnen metingen kunnen worden verricht zonder dat stralingen van buiten kunnen storen. Dat is het principe van de zogenaamde kooi van Faraday. Een enkele keer merk je daarvan iets als je een tunnel of een parkeergarage in rijdt en je telefoonverbinding of je radio valt weg door het kooi-effect van het omringende betonijzer.

Met de stoffen van Holland Shielding Systems is het mogelijk het Eeman effect met kleding te bereiken en het daardoor voor iedereen die van deze prachtige natuurlijke genezing bevorderende techniek gebruik te maken zonder dat je er tijd in hoef te stoppen. Je trekt gewoon het jasje aan met de volgens het Eeman principe als een soort voering bevestigde geleidende textiel. Zo eenvoudig is dat. Ja, een Eemanjas, daar word je beter van!

Hieronder zie je de binnenkant van een prototype dat Holland Shielding Systems voor mij maakte. De lichte stroken zijn het geleidende textiel.

Leugens en nog eens leugens van mensen die we betalen om toe te zien op de gezondheidszorg

Een jaar voor de corona-epidemie heeft de overheid de Denktank Desinformatie opgericht. Daarin zetelen 35 ‘experts’ die het publiek op social media en tv beïnvloeden over vaccins. Ze werken daarbij samen met instanties als het RIVM, de GGD en het Lareb, en techbedrijven zoals Facebook en Google. Dat blijkt uit vrijgegeven Wob-documenten die zijn bestudeerd door data-analisten Daniël van der Tuin en Cees van den Bos.

De Denktank Desinformatie houdt zich bezig met het ondermijnen van kritische geluiden over vaccins op social media en in de reguliere media. Ondanks de vele inspanningen, waaronder het debunken van berichten, het opheffen van accounts, het verwijderen van berichten en video’s en het op grote schaal wegfilteren van kritische geluiden met algoritmes is de denktank niet geslaagd in haar doel: de vaccinatiegraad voor het Rijksvaccinatieprogramma is namelijk met één tot twee procentpunt gedaald.

Opmerkelijk: voor het verwijderen van accounts heeft onze overheid een heus ‘escalatiekanaal’ bij de techbedrijven tot haar beschikking.

Daar was aantoonbaar geen sprake van

Uit verschillende officiële bronnen komt naar voren welke instanties betrokken zijn bij het voorkomen en ontmaskeren van ‘desinformatie’ via de Denktank Desinformatie. In ieder geval de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ), het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) en het RIVM zijn actieve deelnemers. Ook bijwerkingencentrum Lareb en de GGD zijn actief in de denktank.

Ironisch genoeg was het juist coronaminister Hugo de Jonge die voortdurend onjuiste informatie verspreidde. Zo beweerde hij in het najaar van 2021 dat er sprake was van een ‘epidemie van ongevaccineerden’. Daar was echter aantoonbaar geen sprake van.

Zorgelijk

Van der Tuin en Van den Bos constateren dat de denktank niet is ingezet om gezondheidsredenen, maar om het regeringsbeleid rond coronavaccins uit te dragen en te verdedigen door kritische stemmen aan te pakken.

“Liegen voor geld,” reageert onderzoeksjournalist Patrick Savalle. “Wie zijn het? Ik heb zo wel mijn vermoedens.”

BVNL-bestuurder Hans van Tellingen voegt toe: “Zorgelijk. De overheid zet hard in op desinformatiebestrijding en, naar het lijkt, onrechtmatig volgen van mensen, maar verspreidt zelf juist veel informatie die aantoonbaar niet klopt.”

Stikstof, verstikkend?

Opnieuw was het Leon de Winter die met zijn column in de Telegraaf treffend raak het maatschappelijke bedrog aan de kaak stelde.

Dat er op grote schaal met feiten, meningen en al dan niet onoorbare plannetjes een langzamerhand voor de burger onontwarbare schijnwerkelijkheid wordt gecreëerd moet langzamerhand tot steeds meer gewone mensen doordringen. Het zogenaamde stikstofprobleem lijkt een van de vele machinaties die de toch al ondoorzichtige wegen van onze overheid nog onzichtbaarder moeten maken. Alle zeilen worden bij de mast gezet om onwaarheden te verdoezelen en met behulp van organisaties, Ngo’s,  waarvan we vroeger dachten dat ze goede doelen nastreefden ons in feite door de strot geduwd.

Er is een stikstofoverleg gepland onder leiding van de heer Remkes, van wie ik uit geen enkele informatiebron heb kunnen lezen dat hij mogelijk verstand heeft van de problematiek waarover hij het overleg moet leiden. Wel is bekend geworden – was waarschijnlijk niet de bedoeling – dat twee stikstofhoogleraren, Han Lindeboom en Johan Sanders niet zijn uitgenodigd. Met andere woorden, echte deskundigheid is buiten de deur gehouden. Ik kan geen andere reden bedenken dan dat het de bedoeling van onze overheid is om het stikstofoverleg te manipuleren. Dat lukt namelijk het best als je zo veel mogelijk de kennis over echte, onweerlegbare feiten buitende deur houdt.

De situatie is ernstig. Knoeien met de werkelijkheid lijkt steeds meer een vaste praktijk bij onze overheid te zijn. Het beleid van onze overheid lijkt steeds meer gevormd worden door een verfoeilijk model dat de wereldelite, vormgegeven door het World Economic Forum ons wil opleggen.

Wat dat model is?

Geen boeren meer. Het land dat vrijkomt moet gebruikt worden voor stedenbouw. Alle voedingsproducten moeten door grote multinationals die in handen zijn van de wereldelite worden vervangen door synthetische, fabrieksmatig geproduceerde rommel, waardoor we met geen mogelijkheid meer kunnen weten wat we eten en hoe we ziek worden gemaakt, zodat BigFarma vanaf dat punt weer kan binnenstappen, zogenaamd voor onze gezondheid, en woekerwinsten maken.

Herinner je je misschien nog dat Ivermectine en Hydroxychloroquine verboden waren tijdens het coronabedrog. Dat waren middelen die goed werken en dat is iets wat van geen enkel vaccin kan worden gezegd.

Ik moet zeggen dat ik me afvraag hoe lang een misdadige regering door kan gaan met de mensen waarvoor ze verantwoordelijk zijn grotelijks te belazeren voordat het volk in woede uitbarst. En hoewel ik een hekel aan oorlog heb hoop ik toch nog mee te maken dat alle leugenaars in alle landsbesturen die aan de hand van het W.E.F. waarschijnlijk betaald meelopen hardhandig verwijderd en berecht worden.

Bosvrees

Dat Leon de Winter tegenwoordig in de Telegraaf, die ik toch maar ben blijven lezen, de kans krijgt om de elite op de hak te nemen doet mij goed. Toonaangevende mannen die op deskundige en toch subtiele wijze uitleggen waarom het allemaal gaat tegenwoordig kunnen wij niet genoeg hebben.

Vandaag ging het om de verklaring van een boswachter die in een klein natuurgebiedje bezig is zijn voorkeur voor bepaalde plantjes gestalte te geven, zulks ten nadele van sommige andere plantjes. Maar waar ging het dan om? Wel, de boswachter vond dat de grond moest verschralen, dat betekent minder vruchtbaar worden, met als doel dat er geen bos zou ontstaan. Toen ik dat gelezen had zaten mijn wenkbrauwen ongeveer op mij achterhoofd. Hier was dus een door ons betaalde boswachter bezig te voorkomen dat er iets zou ontstaan waarvan we sowieso veel te weinig hebben, namelijk bos.

De Winter ving zijn column aan met het noemen van het Amerikaanse tijdschrift The Atlantic, een tijdschrift dat gelezen wordt door de hogere – en daardoor doorgestudeerde  middenklasse. Het zou allemaal niet heel vreselijk zijn wanneer een belangrijke bijdrage in dat blad zou bestaan uit verhalen in de stijl van wijlen Marten Toonder, zodat het prachtige Bommeliaanse taalgebruik en dito opinies de boventoon zouden voeren. In dat geval zou elke lezer onmiddellijk weten dat het hier om een hoger soort humor gaat. Helaas blijkt The Atlantic aan te sturen op het realiseren van een samenleving, zoals langzaam tot ons begint door te dringen de bedoeling van de wereldelite is. In dat geval hebben we het over een samenleving in een wereld die langzaam maar zeker wordt gestuurd in een richting die de meesten van ons niet meer als de onze herkennen.

Allerlei kunstmatig in stand gehouden maatschappelijke vrees noemt De Winter: de CO2 vrees, de klimaatvrees, de stikstofvrees, vleesvrees, maar hier – hoe gek kun je worden – bosvrees. Blijkbaar is het de bedoeling van The Atlantic dat haar lezers vergeten dat bossen de longen van de Aarde zijn die niet alleen rijke zuurstofbronnen vormen, maar vooral ook geweldig dienst doen als door de natuur zelf ontworpen gulzige opzuigers van heel veel afval gassen, een reden voor mij om te denken: hoe meer bos hoe beter.

Op Brand New Tube bekeek ik laatst een lang gefilmd interview van een oorspronkelijk Hongaarse hoogleraar en een Engelse interviewer. De hoogleraar was gespecialiseerd in de kennis betreffende de zon. Ik weet niet zo snel hoe de mooie universitaire benaming voor deze discipline is, maar wat deze dame uitlegde zette mij flink aan het denken. Zo maakte zij duidelijk dat de invloed van alle gebeurtenissen op de zon allesoverheersend is voor het klimaat op aarde. Vergeleken daarbij, zo stelde zij, is alles wat wij aan geldverslindende maatregelen nemen en ondersteunen in werkelijkheid slechts een verdienmodel voor alle instellingen, NGO’s en regeringen die zich ermee bezig houden.

Zo wist ik niet dat de noord – en de zuidpool van de zon elke elf jaar omwisselen, een verschijnsel dat met gigantische magnetische schommelingen gepaard gaat. Het verhaal van deze hoogleraar kwam erop neer dat het belachelijk is dat de mensheid zich verbeeldt klimaatveranderingen te kunnen beïnvloeden.

Voor mij is het daarmee duidelijk dat het hele klimaatverhaal en alles wat erbij hoort in feite de zoveelste misselijk makende zakkenvullerij is voor de jongens en meisjes die toch al meer dan genoeg hebben de… ach wie bedoel ik ook alweer, oh ja, de wereldelite.