De Tijd.

De tijd hebben, de tijd krijgen. Wat is er nu toch zo aantrekkelijk aan de tijd. Laat me nu eerst maar eens kijken na die oude uitdrukking die vroeger vaak wat plechtig gebruikt werd als iemand was overleden. Dan was je uit de tijd. Over het algemeen werd daarmee uitgedrukt dat de nog levenden het maar goed getroffen hadden, althans voorlopig, want zij waren nog in de tijd, hoewel natuurlijk iedereen die in de zon of in de regen op het kerkhof aan de groeve stond zich in elk geval op dat moment wel het oude memento mori, gedenk te sterven realiseerde.

Eerlijk gezegd denk ik dat we met een dilemma zitten. Niet een heel ernstig dilemma overigens, vooral als je nog jong of jong middelbaar bent. Dan heb je nog tijd, dan kun je nog dingen bereiken, successen behalen, vorderingen maken, winnen (en verliezen natuurlijk) maar dat zijn allemaal dingen die alleen kunnen als je nog in de tijd bent. Alleen in de tijd kun je dingen doen die, zoals dat genoemd wordt, zin hebben. Merkwaardig vind ik overigens dat ik merk dat met het vorderen van de jaren het lijkt alsof je een draai van honderden tachtig graden in je belevingswereld maakt. Als je jong bent is je blik op het leven gericht op de toekomst. Naarmate je ouder wordt als blijkt dat je verleden veel groter is dan je mogelijke toekomst kijk je – als het je tenminste in het leven een beetje heeft meegezeten – met een zekere tevredenheid naar vroeger. Een mooi Engels liedje droeg de veelzeggende titel ‘Memories live longer than dreams’. En zo is het natuurlijk ook.

Tegenwoordig, zeker sinds Pim van Lommel, oud cardioloog, zijn indrukwekkende boek schreef over bijna dood ervaringen betreffende de getuigenissen van mensen die even over de rand van het leven hebben mogen kijken nadat ze lichamelijk gestorven leken te zijn. Prachtige beschrijvingen van mensen die gereanimeerd werden en die daar in veel gevallen helemaal niet blij mee waren, omdat de onbeschrijflijke helderheid en schoonheid aan de andere kan van het sterven in veel gevallen letterlijk ‘hemels’ bleken te zijn, terwijl de terugkeer in het eigen lichaam vaak een teleurstellende en pijnlijke ervaring opleverde.

We hebben, lijkt nu, te maken met twee verschillende bronnen die beide lijken aan te geven dat ons bestaan als entiteit na ons overlijden geenszins afgelopen is. Veel jaren geleden las ik al van de Duitse psychiater Torwald Detlefsen Zijn boek: Terug Naar Vorige Levens, waarin hij verslag doet van een groot aantal hypnosessies met patiënten die voor het merendeel teruggebracht konden worden in vorige levens met vervolgens controleerbare omstandigheden als naam, positie, tot zelfs de burgerlijke stand of de kerkelijke geboorteboeken aan toe. Deze mensen vertellen onder hypnose geschiedenissen uit een leven voor het huidige. Eerlijk gezegd geloof ik dat wel, want ik heb dat zelf ook meegemaakt en ik herinner me flarden van verschillende levens.

Hoe dit ook zij, we hebben nu eigenlijk twee kanten van hetzelfde verhaal: de herinnering bij talloze mensen aan vorige levens en de kijk op de toestand na het levenseinde via de bijna dood ervaringen. Al met al een reden op de vaak gehoorde kreet: Je leeft maar één keer met een lenige zwaai overboord te gooien. Het enige wat je misschien – en nog niet eens zeker – maar één keer gebruikt is de naam die je nu draagt en mogelijk je ouders en de periode in de wereld.

Misschien, en eerlijk gezegd hoop ik dat, zou het besef dat wij eeuwige wezens zijn ons diep moeten doordringen. Nee, het heeft niets met godsdienst te maken. Eigenlijk heeft het meer te maken met wat we bij de natuurkunde op school al leerden: de onvernietigbaarheid van energie. Wij zijn energieorganisaties. Aan het begin van elk menselijk bestaan verzamelen wij de benodigde tijdelijke energetische verbindingen om ons heen die we bij het overlijden achterlaten. Maar mensen, dat zijn wij niet, dat zijn maar spullen hoor, ook allemaal van energie gemaakt, maar niets waar we altijd aan vast moeten zitten. Als ik in de spiegel kijk, tegenwoordig, dan denk ik vaak: Ik ga er volgende keer toch eens iets aantrekkelijkers van maken. Hoe dan ook, verlies niet de moed als je oud wordt, je krijgt nog kansen genoeg.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.