Pokkenbriefje

Tegenwoordig zouden jongere mensen misschien denken dat dit woord op een heel vervelende korte schriftelijke mededeling slaat, maar niets is minder waar. Pokken was heel lang een besmettelijke ziekte die als een epidemie de wereld over trok. Deze ziekte – en ik doel hier op het begin van de vorige eeuw – was een van de grote plagen van de mensheid. Grote blazen over de hele huid en hoge koortsen waren kenmerken van deze ziekte waaraan veel mensen stierven en wie de ziekte overleefde zag er letterlijk pokdalig uit. De hele huid zat vol met putje die de littekens waren van al die pokken.

Het was de onderzoeker Louis Pasteur die het allereerste vaccin tegen een besmettelijke ziekte ontwikkelde. Hij ontdekte namelijk dat een soortgelijke ziekte bij koeien ook optrad. Het koe pokvirus is niet precies hetzelfde als het virus dat bij mensen pokken veroorzaakt, maar Pasteur ontdekte dat je het afweermechanisme van de mens kon wapenen tegen het voor mensen gevaarlijke pokkenvirus door mensen te besmetten met een beetje van het virus dat die veeziekte veroorzaakte. Het woord vaccin komt dan ook van het Latijnse woord vacca, dat koe betekent. Het vaccin voor mensen werd dus gemaakt op basis van de stof die zich in de builen van koeien bevond die aan de zogenaamde veepest leden.

Pokken was, net als later ook de poliomyelitis of kinderverlamming, een zeer besmettelijke ziekte. Zozeer zelfs dat al vroeg in de vorige eeuw het pokkenbriefje (inentingsbewijs tegen pokken) verplicht was als je als kind naar school moest.

Later kwam daar DKTP bij. Dat was al in mijn schooltijd. Ik herinner me dat we in de rij op het schoolplein stonden om ingeënt te worden. Ik was acht jaar. Twee jaar eerder had ik drie maanden in het ziekenhuis gelegen met een gebroken been dat door een klunzige chirurg na vijf weken opnieuw gebroken moest worden omdat hij het verkeerd had gezet. Bij de eerste keer had een pen van een rekverband door mijn voet al een gigantisch ontsteking in mijn hielbeen veroorzaakt omdat er vliegen rondvlogen en omdat naast mij een jongentje met open TBC lag. Ik had al zoveel penicilline injecties gehad dat ik niets voor nog meer prikken voelde. Ik ben hem gesmeerd en daarvoor ben ik nooit met ernstig ziekzijn gestraft. Ik geef toe dat ik ook wel geluk gehad kan hebben omdat al die andere kinderen natuurlijk wel gevaccineerd waren.

Wat mij in de hele gang van zaken rond de vaccinaties eigenlijk al jaren verbaast is dat er voor steeds meer zaken gevaccineerd wordt. Als kind heb ik, zoals vroeger gewoon  was alle kinderziektes gehad. Dat was normaal. Ik kreeg waterpokken, mazelen, kinkhoest en niet te vergeten de bof…tjee dat deed zeer. Mijn nek en wangen waren twee keer zo dik als normaal en mijn mond ging moeilijk open, maar het ging vanzelf over. Er werd toen ook niet zo spastisch gedaan als tegenwoordig. Waar nu alles weg gevaccineerd moet worden kregen wij onze levenslange immuniteit gewoon door die kinderziekte te krijgen. Sterker nog, in de kleuterschoolperiode en het beging van wat vroeger de lagere school heette hoorden de moeders van elkaar als ergens een kind een kinderziekte had. Vervolgens lieten ze de kinderen die de kinderziekte nog niet hadden gehad samen spelen met het zieke kind. Zo kreeg ieder kind de kinderziekte die nu eenmaal bij kind zijn hoorde.

Ik denk dat die manier van immuniteit verwerven voor die ziekten veel beter werkt dan die vaccinatie, omdat die kinderlijfjes zoveel antistoffen moesten maken dat ze de echte ziekte zelf overwonnen. Natuurlijk is het lang niet best als je op latere leeftijd zo’n kinderziekte krijgt, maar onze moeders letten erop dat je op tijd die ziektes kreeg. Onze moeders wisten dat het nodig was om later gezond te blijven.

Nu is natuurlijk alles anders, het zou vreemd zijn als dat niet zo was. Het wil echter niet zeggen dat nu alles beter is met al die vaccinaties, daarvoor hoor ik te vaak dat kinderen heel erg ziek worden van sommige vaccinaties. Nee, natuurlijk niet allemaal, anders was het snel afgelopen met het Rijks Vaccinatie Programma. Laten we maar eens wat voor en nadelen bij elkaar zetten.

Argumenten voor vaccinatie tegen kinderziekten:

  1. In het algemeen verloopt bij het merendeel van de kinderen de reactie op de vaccinatie beduidend minder heftig dan wanneer het kind de ziekte werkelijk doormaakt.
  2. Het is voor het gezinsleven gemakkelijk en comfortabel – tenslotte hebben we tegenwoordig heel veel werkende moeders – als na het prikje het kind misschien een paar dagen wat hangerig is, maar zeker geen week tot tien dagen koortsig is en niet naar buiten mag. Toen de moeders altijd thuis waren maakte dat niet uit, maar nu is zo’n ziek kind maar onhandig.
  3. Er is een betrekkelijk grote zekerheid dat het kind beschermd is tegen die ziekten.
  4. Een heel grote pre is dat poliomyelitis, de kinderverlamming, ook in het vaccinatie programma zit. Vroeger kon een kind door deze virale infectieziekte levenslang invalide worden of zelfs overlijden.

Argumenten tegen vaccinatie tegen kinderziekten:

  1. De natuur regelt de immuniteit tegen de meeste kinderziekten gratis en grondig en in het licht van de uit de pan rijzende kosten voor de volksgezondheid, waarvan een heel groot deel toegerekend kan worden aan steeds duurder wordende geneesmiddelen zouden niet noodzakelijke medische bemoeienissen tot een verantwoord noodzakelijk minimum moeten worden beperkt.
  2. De fabrieksmatig bereide vaccins bevatten altijd stoffen die uitsluitend bedoeld zijn de houdbaarheid van de producten te vergroten. Die stoffen zullen door het merendeel van de behandelde personen verdragen worden ondanks het feit dat ze geen bijdrage leveren aan het doel van de vaccinatie, namelijk het ontstaan van immuniteit tegen de ziekte waarvoor de vaccinatie bedoeld is.
  3. Waarschijnlijk, maar dat kan ik niet met zekerheid stellen omdat daaromtrent te weinig onderzoek bekend is gemaakt, ontstaan onbedoelde bijwerkingen van de vaccinaties door deze hulp – of conserveermiddelen. Dit nu is een verschijnsel dat veel vaker optreedt dan de fabrikanten van de vaccins graag willen toegeven, maar bovendien treden deze bijwerkingen ook niet op wanneer een kind op jonge leeftijd gewoon de kinderziekte doormaakt. Ik maak een uitzondering voor polio, maar deze gevaarlijke infectie hoort net als pokken en tuberculose ook niet echt bij de kinderziekten, hoewel kinderen er wel het hardst door getroffen worden.
  4. Samenvattend: de vaccinatie tegen de meeste kinderziekten is eigenlijk een luxe die wat de gezondheid van het kind betreft gemist kan worden en brengt bovendien vaak gevaar door bijwerkingen.

Uiteraard kan over kindervaccinatie meer en uitgebreider geschreven worden. Ik wil nu echter toe naar latere ontwikkelingen. Het huidige gebruik van de jaarlijks terugkerende griepprik. Dit zogenaamd preventieve medisch handelen behoort naar mijn mening tot de prijsverhogende factoren voor de volksgezondheid. Uiteraard wordt het nut van de griepprik door de belanghebbenden bejubelt, maar we weten dat in de farmaceutische wereld grote budgetten opgaan aan reclame en lobby, waar een weldenkend mens toch zou veronderstellen dat het oude gezegde “Goede wijn behoeft geen krans”, opgeld zou moeten doen. Met andere woorden: als het dan allemaal zo goed en nuttig is hoef je niet zo nadrukkelijk telkens weer de noodzaak de benadrukken.

Langzaam maar zeker begint de gewone man zich bewust te worden dat in de wereld van de farmacie de economen die zich bezig houden met de winstmodellen een veel grotere rol spelen dan de wetenschappers die zich dagelijks buigen over het maken van nieuwe medicijnen. Het is ook daardoor dat er erg veel producten, zogenaamde geneesmiddelen, worden gemaakt en verkocht die in het allerbeste geval niet al te veel kwaad kunnen aanrichten, maar die ook heel vaak leiden tot medicijnafhankelijkheid. Deze producten worden onder de noemer ‘geneesmiddel’ verkocht, maar zijn vaak stoffen die weliswaar een bepaalde werking hebben, maar waarvan het gebruik niet meer kan worden gestaakt op straffe van verergering van de kwaal.

Eigenlijk zouden al deze stoffen de naam geneesmiddel niet mogen dragen. Een geneesmiddel is namelijk een stof die geneest en die na de genezing niet meer nodig is. Zulke stoffen worden door de farmaceutische industrie niet of nauwelijks gemaakt, omdat medicijnafhankelijkheid veel betere winstperspectieven oplevert.

Ook worden middelen die voor de gezondheid interessant zouden kunnen zijn of die in hoge mate het welbevinden kunnen verhogen niet onderzocht, laat staan geproduceerd. Een belangrijk criterium voor de farmaceutische industrie is de patenteerbaarheid. Als een bedrijf iets spectaculair nieuws ontwikkelt of iets dat in elk geval als zodanig op de markt gebracht kan worden, dan wordt daar op direct patent gevraagd en doorgaans verkregen. Afhankelijk van de te creëren gretigheid die voor het product gewekt kan worden kan een marktprijs worden vastgesteld waarvan als regel gezegd kan worden dat die prijs vele malen de ontwikkelingskosten kan dekken bij een minimaal te verwachten verkoop.

Hoe de farmaceutische handelsgeest hier zijn invloed doet geleden kan ik met een voorbeeld illustreren. Het middel Orkambi dat ontwikkeld werd tegen de zogenaamde taaislijmziekte, cystische fibrose, bleek voor slechts een klein deel van de patiënten te werken en moest € 170.000,- per jaar kosten. Bedenk daarbij dat de verzekeraar er zeker aanvankelijk niets voor voelden om dit middel vergoedbaar te stellen en dat ouders die een kind hebben dat lijdt aan deze ziekte weten dat hun kind niet oud zal worden hetgeen bij velen tot een verdrietige wanhoop leidt. De farmaceuten zitten daar echter niet mee, hoewel hun zeer ruime winstmarges het mogelijk maken ruimhartig het middel op de markt te brengen voor een prijs die in de buurt van een aspirientje komt.

Een nieuw middel moet patenteerbaar zijn. De farmaceut moet het monopolie hebben, zodat namaak door een ander alleen nog maar meer geld oplevert.

Alweer een paar jaar geleden was er in verschillende kranten een berichtje dat meldde dat aan een van de Franse universiteiten een middel was gevonden tegen pijn, dat in zeer geringe hoeveel heden voorkomt in menselijk speeksel. De Fransen noemden de stof “opiorfine”. Het is een lichaamseigen stof en de pijnstillende werking is zes maal sterker dan morfine bij de juiste dosering. Verder heeft de stof geen bijwerkingen, net als elke lichaamseigen stof.  Als leek en niet farmaceut zeg ik dan: wat prachtig, een natuurlijke pijnstiller zonder enige bijwerking, want het is één van onze eigen endorfinen. Beste farmaceut, aan de gang en een beetje opschieten alsjeblieft want de wereld barst van de mensen met chronische gekmakende pijn en alle  verkrijgbare pijnstillers hebben bij langdurig gebruik nare bijwerkingen. Ik ben nog steeds op zoek, want het is nergens te koop. Het is heel gemakkelijk na te maken. Helaas, omdat de natuur het al heeft uitgevonden kan er geen patent op worden gevraagd, dus is het niet interessant. Ja, wel voor de pijnpatiënt, maar niet voor de farmaceut.

Ik denk dan ook dat de bestuurders van de steenrijke farmaceutische bedrijven allemaal aan dezelfde kwaal lijden: ontstoken geefklieren!

Recentelijk is opnieuw de oude bron van de vaccins aangeboord en ik moet zeggen, dat hebben de verzamelde farmaceuten onder de nieuwe bezielende aanvoering van software tycoon Bill eh…ja, hoe heet ie ook weer, geweldig slim aangepakt. Wat hadden ze ontdekt? Ja, een beetje plat eigenlijk, want het gaat altijd over geld, nou ja, winst dan hè. Ze hadden ontdekt dat het gedoe met die jaarlijkse griepprik wel aardig was, maar dat toch veel mensen het helemaal niet nodig vonden. Bovendien was het ook veel werk, omdat het griepvirus elk jaar verandert, zodat ze elk jaar weer een nieuw vaccin moesten maken dat altijd maar weer door veel te weinig mensen gebruikt werd.

Op een keer waren wat mensen die allemaal wel iets van doen hadden met gezondheid en geneesmiddelen, en die eh… Bill dan hè, op een prettige plaats in Zwitserland bij elkaar. Zeg maar een soort brainstorm sessie. Iemand zei: ‘het schiet allemaal niet erg op met die jaarlijkse griepprikken. De inkopers in de landen blijven elk jaar met flinke restpartijen zitten. Dat kan misschien nog wel een tijdje goed gaan, maar op een gegeven moment gaan die regeringen toch de inkoop beperken, zo voel ik dat tenminste aan.’ Toen zei die Bill, die eigenlijk nooit iets met medicijnen had gedaan, maar altijd software had verkocht: ‘Jullie doen het ook verkeerd. Kijk, in mijn vak breng ik om de paar jaar een nieuwe versie van het programma uit. Iedere gebruiker koopt die nieuwe versie dan, omdat ik ze ook verteld heb dat ik dan na een poosje die oude versie niet meer onderhoud. Die worden dan extra gevoelig voor phishing en voor hackers, virussen dus eigenlijk; nou ja, dat heb ik natuurlijk ook allemaal zelf geregeld, maar dat vertel ik later nog wel eens. Wat nodig is, is het besef dat iedereen voor zijn eigen veiligheid elk jaar een vaccinnetje nodig heeft. In mijn geval was door de jaren heen iedereen doodsbang voor malware en virussen, dus als er nou eens een virusje de wereld in kwam dat zich snel verspreidt en waaraan mensen met een slechte gezondheid en te dikke mensen en natuurlijk zwakke oude mensen op een vrij vervelende manier doodgaan. We hebben genoeg ingangen bij de verantwoordelijke bestuurders om ervoor te zorgen dat iedereen een beetje bang wordt en dat is echt niet zo moeilijk. Je moet er alleen maar voor zorgen dat elke dag uitsluitend een groeiend aantal overledenen wordt gemeld. Dat aantal is natuurlijk ongeveer hetzelfde als wat er altijd in die zelfde periode dood gaat, maar in de voorliggende jaren is dat nooit in het nieuws geweest. Het enige wat je doet is elke dag in het nieuws vertellen hoeveel nieuwe besmettingen (is normaal ook hetzelfde als altijd) en het aantal doden. Dat doe je elke dag. Iedereen wordt dan doodsbang, geloof me. En ja, maar dat weten jullie natuurlijk al lang, bange mensen kun je wijsmaken wat je maar wilt. Tjee man, hoe kom je erop riep iemand. ‘Ja,’ ging de softwareman verder ik denk dat er ook wel iets te regelen is. Het moet natuurlijk voor het oog van de wereld een ongelukkige samenloop van omstandigheden lijken, want anders zijn we behoorlijk zuur. Enfin laat mij maar. Ik heb met virussen in Afrika al wat ervaring opgedaan en in Afrika ben ik wat Chinese kennissen tegengekomen. Daar doe ik tegenwoordig wat zaken mee.

‘Goh, da’s ook toevallig’, kwam een ander tussenbeide. ‘De griepvirussen komen juist vaak uit China, want daar slachten en verkopen ze in de open lucht de meest rare beesten die wij nooit zouden eten.’

Er werd hard gelachen en luid geapplaudisseerd.

Een van de mannen stond op. Hij zei: ‘zoals jullie allemaal weten ga ik over de wereldwijde gezondheidsadviezen. Ik heb in alle landen mensen zitten die ik elke maand een beetje extra laat betalen – dat geld mag natuurlijk niet van mij komen, maar dat is goed geregeld – die mensen laat ik dan wel gelijkluidende adviezen geven. De gevolgen moeten angst en ongemak veroorzaken, dat heb ik toch goed begrepen?’

Ze waren het allemaal met hem eens en na een drukke maar zeer geslaagde meeting werd er nog gezellig samen gegeten en lang nagetafeld.

Na de vergadering hadden ze allemaal woord gehouden. Wat er wereldwijd ontstond was angst en paniek. Niemand keek meer nuchter naar vergelijkingen met andere jaren. De hele wereldbevolking was druk met angstig gehoorzamen aan de voorschriften die de regeringen uitvaardigden nadat ze een noodwet hadden ingesteld om per decreet te kunnen regeren.

Het zou nog heel lang duren voordat de bevolking ontwaakte uit deze nachtmerrie, beschaamd over hun eigen goedgelovigheid en woedend omdat ze bedrogen waren en vaak alles kwijtgeraakt waren waarvoor ze jaren hard hadden gewerkt.

Dit laatste stuk van dit verhaal zou zo gegaan kunnen zijn, hoewel we dat nooit zullen weten. Wat we wel weten – en het verbaasd me dat tot nu toe niemand dat heeft opgemerkt – is dat over de hele wereld de anti-corona maatregelen zeer sterk op elkaar lijken en ook nagenoeg op het zelfde moment zijn ingegaan. Ach, het zegt natuurlijk niets, maar het ziet er uit als een wereldwijd georganiseerde aanpak.

Bovenstaand verhaal is natuurlijk met een beetje kennis en een boel fantasie verzonnen.

Ik vind het nu eenmaal leuk om verhalen te bedenken waarvan mijn lezers of toehoorders denken: zou het waar zijn?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.