Nogmaals telomeren

Het blijft me maar aangrijnzen dat onderwerp Telomeren. Alsof dat nu de sleutel tot het lange – nee niet eeuwige – leven zou zijn. Harrie Jekkers zong eens een liedje over de kat die na zijn obligate zeven levens doodgaat, precies op het eind. Maar ja, wat is dan het eind.

Laatst zag ik een film over een jongentje die een versneld verouderingsproces doormaakte. Een ziekte die voor het eerst ontdekt werd in de tachtiger jaren van de 19e eeuw en die ‘progeria’ wordt genoemd. Je ziet dan een heel jong kind werkelijk in no time veranderen in een oud mannetje of vrouwtje en vervolgens overlijden. Het gaat heel snel. Stel je voor, op je twaalfde jaar ben je oud en op je pak weg zestiende kom je aan je natuurlijke levenseinde.

Volgens mij hebben deze slachtoffers, want zo zie ik ze, heel korte telomerenketens, waardoor steeds meer functionerende cellen niet tijdig worden vervangen door nieuwe en het fysieke werk in het lichaam met steeds minder beschikbare cellen gedaan moet worden. Tot er natuurlijk van allerlei werkzame cellen niet meer voldoende zijn.

Tja, de telomeren, een woord dat door weinigen wordt begrepen. Het gaat echter over kopiëren van ons DNA, de bron van ons leven waarin nagenoeg alle informatie zit die ons hele lichaam laat functioneren zoals het doet. Hadden wij maar een dergelijke informatiebron die een leven lang mee gaat, maar dat is helaas niet zo. Elke cel van ons lichaam moet van tijd tot tijd worden vervangen, beschadigingen moeten worden gerepareerd. Natuurlijk zijn er uitzonderingen in het tempo waarmee dat gebeuren moet. Beencellen gaan over het algemeen vrij lang mee, net als kraakbeencellen en – wonderlijk genoeg – zenuwcellen die een speciale bescherming genieten, die worden namelijk beschermd en gevoed door een isolatiemantel die bestaat uit zogenaamde gliacellen. Zo kan een zenuwcel lang uitgroeien en blijven leven. Tijdens het leven worden echter niet veel nieuwe zenuwcellen gevormd.

Nee, waar het om gaat is het hele werkvolk onder de cellen: de spieren en pezen, de klieren, de ingewanden en zeker ook de huid. Daar moet vervangging worden gepleegd op een manier dat de oude cel wordt vervangen door een fonkelnieuwe. De oude cel wordt als het ware aan de boven en onderkant vastgehouden, zodat daar tussenin nauwkeurig en foutloos de formule kan worden overgeschreven. Dat vasthouden gebeurt – hoe kan het ook anders – door stukjes die zelf geen erfelijke informatie bevatten, neutraal gereedschap dus. Nauwkeurigheid komt er op aan want de nieuwe cel die de oude moet vervangen moet wel exact het zelfde zijn als de oude. Die stukjes die aan de beide kanten het DNA vasthouden en tegen elkaar houden voor het maken van een exacte kopie heten Telomeren, en daar is bij ons iets mee mis. Oh nee, ze zijn er hoor en ze werken keurige vervangende kopieën af, dat is het probleem niet, nee. Het probleem met die telomeren is dat ze in alle gewone gebruikscellen waar dus heel vaak vervanging moet plaatsvinden, dat daar elke keer na gebruik zo’n telomeer afbreekt en niet vervangen wordt. Rampzalig dus: de stukjes die moeten helpen bij het exact kopiëren van het DNA raken na verloop van tijd op, zodat er gewoon niet meer kan worden gekopieerd. Dat is de reden dat we verouderen. Als het DNA van de oude cellen niet netjes wordt gekopieerd, dan moet het werk wat dat type cellen doet telkens met een of meer cellen minder worden gedaan. Het zal duidelijk zijn wat daarvan het gevolg zal zijn: stress door drukte, mislukt werk…Nou ja, in ons gewone leven noemen wij dat veroudering.

Kijk, als dit nou in het hele lichaam zo werkte dat was het nog te begrijpen, maar helaas heeft de natuur of wie dan ook het weer eens lekker ingewikkeld gemaakt. Om te beginnen met de halve stukjes DNA van je vader en moeder die bij de bevruchting samen een nieuwe combinatie vormen, daar gaat de fabriek al de mist in. Halve sperma DNA en halve eicel DNA productie? Geen bezwaar hoor, dat raakt niet op en gaat ook onbeperkt door. Zag je dat wat er stond? Halve DNA stukjes – een halve van Pa en een halve van Ma blijven in productie. Bill Gates heeft nu daarvan gebruik gemaakt door die halve DNA stukjes, zeg telomeren die sperma moesten maken, toe te voegen aan bijvoorbeeld spiervlees laten we zeggen kip. Dan gaat dat spul zich vermenigvuldigen – kweekvlees noemen ze dat, maar dat stopt niet meer. Die halve telomeer  woekert maar door want er zijn natuurlijk geen twee gelijke einden zoals in een gewone cel. Nou ja, dat alsmaar doorgaan met delen dat noemen we kanker. Dat kweekvlees was dan ook geen succes. Je werd er ziek van.

Dat het in die geslachtsorganen maar doorgaat met dat blijvend produceren van nieuwe halve DNA stukjes, spermacellen en zo, komt door een enzym, Telomerase. Dat wordt alleen daar en misschien nog in enkele stamcellen gemaakt.

Nu had ik bedacht – daarover gaat mijn nieuwe roman ook – dat een paar slimme farmajongens een telomerase twee bedenken en maken. Dan hebben we wel twee gelijke uiteinden en gaat de boel niet woekeren tot kanker, maar gaat doodkalm aan het kopiëren als er een cel vervangen moet worden en raakt dan ook niet, zoals eerder beschreven op, zodat er niet meer gekopieerd kan worden. En als ik het nu goed heb uitgerekend kunnen we dan vele malen ouder worden als nu het geval is.

Vraag is echter: Willen we dat?

Dat is een vraag die ik nu maar eens aan mijn lezers voorleg. Je kunt dus op dit stuk reageren als je wilt, maar je kunt ook iets persoonlijker reageren op mijn e-mail adres:

p.v.oosterum@hotmail.com

Waarom deze extra mogelijkheid? Het kan niet lang meer duren voor dat mijn ideeën werkelijkheid worden. Wees voorbereid!, reageer laten we samen denken over: wat als?

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.